Thieme Meulenhoff

Leesbegrip


Taal en leesbegrip
Taalleesland bevat naast taal een complete, geïntegreerde methode voor begrijpend en studerend lezen: leesbegrip.

Strategieën
Centraal staat het beheersen van strategieën. Uw leerlingen houden zich bezig met:
- Leesdoelen.
- Leren hoe ze een tekst moeten aanpakken.
- Hoe ze hun voorkennis kunnen gebruiken.

Leerlingen leren onder meer:
- Hoofd- en bijzaken onderscheiden.
- Tekstsoorten herkennen.
- Achterhalen met welk doel een tekst is geschreven.

Verschillende soorten tekst
- Bij begrijpend lezen bijvoorbeeld verhalen en gedichten.
- Bij studerend lezen weetteksten, doeteksten en meningteksten.

Toepassen
De geleerde strategieën bewijzen meteen hun nut bij andere vakken. Leerlingen ervaren dat ze teksten gemakkelijker lezen en begrijpen.

Leesbegrip en stellen versterken elkaar
Lezen en stellen zijn complementair, daarom integreert Taalleesland beide vakken vergaand. Als bij leesbegrip een weettekst centraal staat, schrijven uw leerlingen zelf een weettekst bij stellen. Bij een verhaal of gedicht gaat dat net zo. Ook worden de ‘wie-wat-waar-wanneer-waarom’-vragen van leesbegrip toegepast bij stellen. Zo leren uw leerlingen een tekst hanteren vanuit beide kanten van het communicatieproces.

Hulp van leeswijzers
Vanaf groep 5 gebruiken uw leerlingen leeswijzers in de leeslessen. Deze handige kaarten met stappenplannen helpen hen om een tekst zo zelfstandig mogelijk onder de knie te krijgen. De kaarten helpen ook om de stappen te automatiseren.